Schouder1Het schoudergewricht is het meest beweegbare gewricht van de mens. Dat betekent ook meteen dat er mogelijk veel overbelasting zich voor kan doen. De schouder bestaat eigenlijk uit een aantal botten die 3 gewrichten hebben. Zo kennen we het gewricht tussen het schouderblad en de kop van de bovenarm. Verder is er een gewricht tussen het schouderblad-uitsteeksel en het sleutelbeen, het zogenaamde AC-gewricht. En er bestaat een gewricht tussen het uiteinde van het sleutelbeen en het borstbeen, het zogenaamde SC gewricht. Daarnaast kan het schouderblad “glijden” over de achterkant van de romp. Zie plaatje rechts.

Door een ingewikkeld samenspel van botstructuren, kapsel en spieren wordt de kop van de bovenarm stabiel in de schouderkom gehouden tijdens gebruik van de arm. Doordat het gewricht zo ingewikkeld werkt, is het bijzonder gevoelig voor het verkrijgen van aandoeningen. Schouderklachten komen dan ook veel voor bij mensen, niet alleen door werk, maar ook door overbelasting thuis en door sport.

De schouder heeft veel “weke delen” in en rondom. Dit zijn bijvoorbeeld spieren met peesplaten, peesschedes en aanhechtingen, maar ook slijmbeurzen en tevens kapsels rond de gewrichten. Zie plaatje hieronder.

Belangrijke structuren zijn de cuff en de slijmbeurs. De cuff is een samenkomst op de kop van de arm van 4 peesplaten die een geheel vormen; het best kunt u dat voorstellen als een tennisbal die u half doorsnijdt en daarna op de kop van de arm ‘plopt’. Op het plaatje hieronder ziet u de cuff van voren , u ziet ook mooi de slijmbeurs liggen en de bicepspees in zijn peesschede net onder de slijmbeurs.

schouder02

schouder03